ACTUALITEIT

CoŲperaties, daar zit leven in!

Gepubliceerd op 11-07-2013 om 08u39 door Linx+
Bakkerij Vooruit
Bakkerij Vooruit

Coöperatieve als trekpaard van de arbeidersbeweging

Het lijkt opnieuw een ware trend te worden. Het verhaal van coöperaties als alternatieve ondernemingsvorm is weer helemaal terug van weggeweest. Maar zijn coöperaties eigenlijk ooit weg geweest? Waar vonden ze hun oorsprong? Heb je verschillende soorten coöperaties? En wat kan de coöperatie nu precies betekenen voor ons?

Voor het ontstaan van de eerste coöperaties in België moeten we terugkeren naar de 19de eeuw. De grote industrialisatiegolf zorgde voor een grote toename in rijkdom. Althans, voor de eigenaars van de fabrieken. Arbeiders moesten er aan de slag voor een mager loontje, hadden quasi geen sociale rechten of bescherming en leefden in arbeiderscites waar de woon- en hygienische omstandigheden de wensen overlieten. Bijkomend swingden de graanprijzen ook de pan uit, wat de kostprijs van brood (het hoofdbestanddeel van ieders maaltijd) drastisch deed stijgen.

Mensen zochten naar nieuwe manieren om brood (en andere producten) te produceren die betaalbaar zouden zijn. Al snel bleek het cooperatieve idee, geïmporteerd uit Frankrijk door enkele arbeiders na de Parijse revolutie,  voet aan wal te krijgen in Belgie. In 1876 werd in Gent de coöperatieve bakkerij De Vrije Bakkers opgericht door een groep arbeiders, bestaande uit twee stromingen: katholieken en socialisten. Vier jaar later verlaten de socialisten de vereniging en richtten ze hun eigen cooperatieve bakkerij op. De Vooruitziende Bakkers, later afgekort naar Vooruit.

De populariteit van deze bakkerij nam snel toe. Op tien maanden tijd verhoogde het ledenaantal van een kleine 100 naar 750. Per verkocht brood ging een percentage naar de arbeidersbeweging, ter ondersteuning van het ziekenfonds en de socialistische partij. Sinds het ontstaan van de Belgische Werkliedenpartij kreeg de coöperatieve beweging een serieuze boost, met vallen en opstaan.

Na twee jaar bleek de kleine bakkerij te Gent al snel te klein geworden. Er werd verhuisd naar een oude fabriek, waar men ook een winkel, café en een vergaderzaal had. Het Ledenhuis, één van de eerste volkshuizen, was geboren. Maar de ambitie reikte veel verder.
In 1913 bouwde de cooperatie in Gent een eigen feestlokaal, De Vooruit. Dit architecturale pronkstuk moest een opera voor de werkmens worden. Onder het motto Kunst veredelt kregen de arbeiders onder meer een bioscoop, bibliotheek en theaterzaal. Samen met een café en restaurant vormde dit een heus paleis voor verstrooiing, ontplooiing en politieke strijd. Wat begon met het bakken en verkopen van broden, leidde uiteindelijk tot het bouwen van één van de iconische hoekstenen van de arbeidersbeweging.

Nog een bekende coöperatieve, naast de Vooruit in Gent, was de samenwerkende maatschappij Het Volksrecht uit Kortrijk. Deze legde in 1892 de basis voor een bakkerij in de Zwevegemsestraat, die in de beginjaren maar moeilijk voet aan wal kreeg. Na een tussenkomst van Vooruit in 1899 kwam daar langzaamaan verandering in. De groei van het aantal leden steeg traag maar zeker. Door het succes van de bakkerij kon ook geïnvesteerd worden om een volkshuis, een kruidenierszaak en een kleer- en schoenenwinkel. Later organiseerde Het Volksrecht ook sociale hulp via zieken- en werklozenfondsen. Net voor het uitbreken van de Eerste Wereldoorlog richtte de coöperatieve ook een pensioenskas op.

Na WO1 steeg het ledenaantal sterk, omdat de coöperatieve meer en meer broden begon te verkopen in de deelgemeenten. In 1919 werden nogmaals panden bijgekocht in de Pluimstraat, ditmaal om een bioscoop-, feest- en biljartzaal in onder te brengen. In 1928 telde Het Volksrecht naast haar centrale bakkerij in Kortrijk ook nog zes winkels en zes volkshuizen, verdeeld over het hele arrondissement. Jammer genoeg bleven van veel van deze gebouwen maar weinig over na verschillende bombardementen tijdens de Tweede Wereldoorlog.

Coöperaties in de 21ste eeuw

Na de Tweede Wereldoorlog verloor de coöperatieve idee terrein. Maar sinds een aantal jaren is dit gedachtegoed helemaal terug van weggeweest. Het kapitalistisch economische model lijkt op zijn tandvlees te zitten, en de rotte plekken zijn des te duidelijker geworden. Om er maar enkele te noemen:

- Het streven naar winstmaximalisatie ten koste van sociale rechten

- Multinationals die geen belastingen betalen terwijl ze wel gebruik maken van sociale voorzieningen (zoals hooggeschoolde werknemers, openbare infrastructuren,…) en dan misbruik maken van subsidiesystemen,

- Miljarden euro’s geparkeerd in buitenlandse belastingsparadijzen,
Via lobbywerk politieke besluitvorming tot het absurde toe beïnvloeden (denk maar aan hoe privégevangenissen het Amerikaanse rechtssysteem beïnvloeden om kleine vergrijpen te bestraffen met zware gevangenisstraffen http://thinkprogress.org/justice/2013/05/09/1990331/private-prison-profits-skyrocket-as-executives-assure-investors-of-growing-offender-population/ http://thinkprogress.org/justice/2012/08/03/627471/private-prisons-spend-45-million-on-lobbying-rake-in-51-billion-for-immigrant-detention-alone/ )

- Uitbuiting van werkkrachten (vaak kinderen) in Derde Wereldlanden

En het lijstje kan gerust nog wat doorgaan. Met het coöperatieve model hebben we echter een reeel, werkend alternatief voor het falen van het kapitalisme. Dat coöperaties werken, hoeven we niet te bewijzen met ingewikkelde theorieen of onoverzichtelijke statistieken. We moeten enkel een kijkje nemen bij de prestaties die ze de laatste jaren neergezet hebben om hun ware potentieel te ontdekken. Daarvoor trekken we even naar het zuiden van Europa.

Italië en Spanje zijn enkele van de landen die het zwaarst getroffen worden door de financiele crisis. Met behulp van Europese recepten wordt er gretig bespaard op openbare uitgaven, worden heel wat voormalige overheidssectoren geprivatiseerd en reist de (jeugd)werkloosheid de pan uit. Maar wat daar vaak niet bij gezegd wordt, is hoe goed coöperatieve ondernemingen gewapend zijn tegen deze crisis.

Zo zijn er in Italie zo’n 437 coöperatieve banken, die samen als federatie de vierde grootste bank van het land vormen. Hiervan is geen enkele failliet gegaan door de crisis. Dit komt hoofdzakelijk omdat deze banken niet speculeren op internationale financiele markten, waardoor de spaarcenten veilig bewaard worden. Coop, een consumentencoöperatieve, is uitgegroeid tot de grootste warenhuisketen van Italie.

Maar ook op vlak van sociale dienstverlening kunnen we onze lessen trekken uit het Italiaanse voorbeeld. Coöperatieve zorginstellingen leveren diensten in de kinder- en ouderenzorg. Verlaten we Europa voor verdere werelddelen, dan ontdekken we dat gezondheidscoöperaties in Japan meer dan 2.5 miljoen leden tellen, terwijl ze 25000 mensen tewerk stellen. In Canada zijn er een 100tal gezondheidszorgcooperaties actief voor zo’n één miljoen leden. Vertrekken vanuit de filosofie ‘werken met’ in plaats van ‘werken voor’ werpt zeker zijn vruchten af. Omdat niet winstmaximalisatie, maar het algemeen maatschappelijk behoeften centraal staat, gekoppeld aan de inspraak van iedere coöperant, levert een coöperatieve veel menselijkere resultaten dan een private onderneming.

In Spanje maakt de besparingsbeleid ook zwaar brokken. Maar het Andalusische dorpje Marinaleda biedt dapper weerstand aan de crisis. Ze wierpen namelijk het hele kapitalistisch systeem overboord en kozen resoluut voor een coöperatieve gemeenschap. Van landbouw tot kinderoppas naar het woonbeleid. Alles wordt geregeld via en staat in het belang van het gemeenschappelijk goed. Bekijk hieronder de Terzake reportage
https://www.youtube.com/watch?v=Cvf4PEhSHJs

Maar ook in de Italiaanse provincie Trentino is het coöperatieve ondernemingsmodel meer dan ingeburgerd in de samenleving. En met succes.
http://www.youtube.com/watch?v=R2q0cqVMnOQ

Er wachten natuurlijk ook grote uitdagingen om de hoek voor het coöperatieve model. Zo wordt het echt democratisch karakter garanderen steeds moeilijker wanneer het ledenaantal groeit. Ook voor het managen van een cooperatieve is een heel andere manier van denken nodig, dan het vrije marktdenken die nu aangeleerd wordt in de bedrijfsmanagementscholen.  Reële uitdagingen waar rekening me gehouden moet worden.

Maar uit de bovenstaande voorbeelden mag wel blijken dat het coöperatief model meer is dan enkel een manier om goederen en diensten aan te bieden. Het slaagt waar het vrije markt model grandioos faalt: het creeert een gemeenschap van mensen die zich verbonden voelen met elkaar. Enerzijds wordt vertrokken van het lokaal verankerde gemeenschappelijk goed, anderzijds zorgt  het aandeelhouderschap en inspraak van iedere coöperant voor stabiliteit. Van landbouw naar kinderzorg, winkelketens tot banken, cooperaties werken voor en door mensen.



.